Showing posts with label fantasy. Show all posts
Showing posts with label fantasy. Show all posts

Monday, January 28, 2019

Daar komt een boekvertaling aan!

Heerlijk nieuws! Ik ben momenteel nog keihard aan het werk om dit jaar te kunnen afstuderen, maar het eerste vertaalproject is al in volle gang. De prachtige serie van Ursula Visser, The Dragon Queen series, komt in 2020 uit in het Nederlands als 1 boek. En ik vertaal het van het Engels naar het Nederlands!

Er komen vast in de toekomst nog meer bloedmooie projecten op mijn pad, maar dit is toch wel een hele lekkere hoor. Het verhaal leest heerlijk, de personages wil je echt leren kennen en je zit meteen helemaal in de wereld van Mara als je begint met lezen. Mijn lees- en vertaalhart gaan hier allebei sneller van kloppen ;) Beter kan bijna niet ...

Hieronder een link naar de website van Perubo Publishing. (Scroll naar beneden om Drakenhart - de Nederlandse titel van de serie - te vinden.)

Perubo Publishing - fantasy Nederlands

Friday, October 12, 2018

Wat je als schrijver allemaal niet moet kunnen ...

Vanochtend leek het  me een goed idee om eens te freubelen met Paint. Uiteindelijk was ik klaar en had ik een kaft (voorkant) voor Oragayn in elkaar geknutseld ;)

Het verhaal is natuurlijk (in delen) te lezen op https://ninjapaap.wordpress.com - maar die voorkant laat ik jullie ook even hier zien!



Monday, October 8, 2018

Verhalen gratis lezen in pdf - nieuwe website!

Omdat m'n blog niet zo geschikt is om (delen van) lange verhalen te uploaden, heb ik een wordpress-website aangemaakt.

Kijk daar eens rond. Het eerste deel van Oragayn is daar te vinden! Voor de mensen die mijn verhalen al wat langer kennen: je zult oude bekenden tegenkomen in een heerlijk verhaal vol verrassingen. Lezen dus!

Klik op onderstaande link, kijk bij "verhalen" - en vind daar het eerste deel van Oragayn.

https://ninjapaap.wordpress.com/

Sunday, April 15, 2018

De voor de hand liggende vraag met het moeilijke antwoord

Gisteren volgde ik op de Dag van het Fantastische Boek de workshop "Manuscript opsturen naar een uitgeverij" van Eveline Broekhuizen. Een van de dingen die ter sprake kwam tijdens die workshop, was de "blurb": in één zin omschrijven waar je verhaal over gaat.
Dat klinkt heel simpel, maar zoals wel vaker met dingen die heel simpel lijken, is het vaak juist heel erg lastig.

Voor mijn meest recente manuscripten, Tirisa en Vyran, heb ik zulke zinnen. Lukt het mij in 1 enkele zin? Nee. Ik heb er twee of drie nodig. En dan kan ik ook nog meerdere versies bedenken, maar hieronder heb ik de zinnen staan die de minste spoilers bevatten. Hier komen ze:

Tirisa:
Als een plichtsgetrouwe generaal opdracht krijgt vluchtelingen met harde hand terug naar oorlogsgebied te sturen, besluit hij zijn bevelen naast zich neer te leggen. Kan hij zijn meerdere op andere gedachten brengen, of zal zij voor totale chaos zorgen?

Vyran:
Als de arrestatie van een corrupte militair volkomen mislukt, laat hij een spoor van ellende achter. Kunnen zijn slachtoffers verwerken wat hij heeft gedaan? En is hij voorgoed ontsnapt, of wordt hij alsnog gevonden?


Beide verhalen zijn high-fantasy. Beide verhalen zijn los te lezen. Van beide verhalen heb ik ook blurbs die meer prijsgeven van het verhaal, maar op mijn blog laat ik graag wat mysterie intact ...

Het zijn twee totaal verschillende verhalen. De grootste overeenkomst? Ze gaan over personen. Als ik wil beginnen met vertellen waar mijn manuscripten over gaan, dan schieten mij zoveel dingen te binnen, dat het lastig is om te kiezen. De blurb vertelt het verhaal. Maar een boek is meer dan een verhaal. Het gaat pas leven als je de lezer mee naar binnen trekt, de wereld in. En omdat ik zojuist heb ontdekt dat ik het begin van Tirisa helemaal nog niet op mijn blog had gezet, dacht ik: laat ik daar eens verandering in aanbrengen! Dus hieronder het begin van Tirisa:
---


1

‘Samm…’ Ynndalys Lyano bevroor. De naam van zijn broer bleef in zijn keel steken.
Sammanh hing aan een touw. Hij had zich in zijn eigen hal opgehangen aan de kroonluchter.
Een tochtvlaag liet de voordeur dichtknallen, maar Ynndalys hoorde het niet. Met grote ogen staarde hij naar zijn broer. Het touw kraakte en wiegde heen en weer. De tenen van Sammanh bungelden boven de grond, zijn broekspijpen trilden. Een omgevallen houten kruk lag naast zijn voeten. Sammanhs ogen waren gesloten, zijn handen hingen slap langs zijn lichaam. Het grauwe touw sneed diep in de huid van zijn hals. Rode striemen en krassen ontsierden hals en kaaklijnen; in zijn doodsstrijd had hij toch getracht zichzelf te bevrijden.
‘Ggh.’
Ggh – dat geluid, dat geen kreun was en geen woord, maar iets daar tussenin, zou Ynndalys nooit vergeten.
Ynndalys schoot naar voren en sloeg een arm om de benen van zijn broer. Hij tilde hem op, zodat er minder druk op het touw kwam te staan. Met zijn vrije hand trok hij het zwaard dat aan zijn heup hing. Het wapen beschreef een nijdige boog toen hij ermee omhoogzwiepte en door het touw hakte.
Het lichaam zakte in Ynndalys’ armen. Hij liet zijn zwaard vallen en legde zijn broer op de grond. Wanhopig plukte hij aan de strop om Sammanhs hals. Hij wrong zijn vingers onder het ruwe touw.
Niet snel genoeg.
Ynndalys greep zijn zwaard en sneed de strop door. De slecht aangelegde schuifknoop eindigde als een misvormde hoop naast zijn knieën.
‘Sammanh!’ Ynndalys wilde schreeuwen, maar er kwam een fluistering over zijn lippen. Zijn vingers, geschaafd doordat hij zo hard aan het touw had getrokken, dartelden over het gezicht van zijn broer. Uiteindelijk tikte hij tegen een wang. ‘Sammanh!’ Haastig veegde hij de tranen weg die zijn zicht vertroebelden. ‘Sam!’
Er was geluid uit de keel van Sammanh gekomen. Dat wist hij zeker. Dat had hij zich niet ingebeeld.
Maar nu haalde Sammanh geen adem meer.

---

Friday, January 5, 2018

Vyran

Het heeft altijd iets speciaals als een manuscript af is. Maandenlang heb ik er keihard aan gewerkt. Er waren dagen dat ik meer tekst verwijderde dan dat ik erbij schreef, er waren dagen dat ik bijna wanhopig werd van de weerbarstige grillen van het verhaal, en er waren dagen dat mijn handen tijdens het typen mijn hoofd bijna niet konden bijbenen. Schrijven kan raar, vermoeiend, energiegevend, bizar en doodeenvoudig zijn. Tijdens het schrijven van Vyran heb ik alle kanten van het schrijven wel gehad - en nu staat het verhaal er.
Het leek mij een mooi moment om te vertellen waar ik de afgelopen maanden nou eigenlijk aan heb gewerkt.



Op Facebook had ik de titel al een keer voorbij laten komen. Vyran is een verhaal over veerkracht en moed. Over Héléna, een vrouw die hoge officier is in de militaire elite van haar land, die haar werk moet zien te combineren met haar gezin (ze is getrouwd en heeft een zoon). Over haar man, Vesaljev, zelf ook officier, bevelhebber van zijn vrouw. Vesaljev stuurt Héléna op een levensgevaarlijke missie. Ze moet een corrupte collega arresteren - maar die laat zich niet zomaar oppakken ...

Vyran is een high-fantasy roman. Het verhaal speelt zich af in een verzonnen wereld, in een land waar discriminatie wettelijk verboden is, waar landen samenwerken om een misdadiger te kunnen arresteren, waar het raar wordt gevonden als iemand een vrouw minder waard vindt dan een man. Oh, en magie speelt een hele grote rol (en is absoluut niet voorbehouden aan magiërs). Dit verhaal is los te lezen. Natuurlijk lopen er wel personages in rond die ook in mijn andere verhalen aan bod komen.

Maar eigenlijk, in plaats van erover te vertellen, laat ik liever het verhaal voor zich spreken. Daarom plaats ik hier het allereerste stuk van het verhaal. Dit is hoe het nu begint, dit is wat er voorlopig staat. Wat mij nu rest, is ooit een uitgever vinden ...

----



Hedorn (Fréyutan), Midzomer 559
1

Alles deed zeer. Héléna had blauwe plekken op haar armen, benen en handen. Haar lip voelde dik aan, maar vanuit welke hoek ze haar gezicht ook bekeek in de spiegel, die dikke lip was niet te zien. De blauwe plekken en schrammen bleven verborgen onder de kleding van haar uniform.
Het was nog nacht, maar nu al warm. Het werd vast en zeker weer een plakkerige zomerdag. Héléna wierp een laatste blik op de spiegel en liep de slaapkamer uit. Beneden stak ze haar hoofd om de keukendeur. Een brandende lamp op de tafel verlichtte de keuken. Het fornuis was aangestoken, een pannetje met water en eieren pruttelde zachtjes. Maron sneed net een stuk af van een homp donkerbruin brood.
‘Maron,’ zei Héléna.
De gezette, kale man keek op en liet zijn mes zakken. ‘Gaat u weer weg zonder te eten?’
‘Ik heb haast.’
‘De eieren zijn klaar, vrouwe.’ Hij nam de pan van het fornuis. Met een zeefje schepte hij een ei op en doopte die in een kom koud water. Ondertussen bekeek hij haar. ‘U ziet er moe uit, als ik zo vrij mag zijn.’
Daar gaf ze geen antwoord op. Zwijgend nam ze het warme ei en een servet aan.
‘Vrouwe…’ Maron wreef over zijn hoofd. ‘Zijn er problemen? Tussen u en heer Van Mubay?’
Onwillekeurig ging ze met haar tong langs de binnenkant van haar pijnlijke lip. ‘Waarom vraag je dat?’
‘Hij is er niet. En u ziet eruit alsof u uit een veldslag bent gekomen.’
‘Ik heb gisteren met de koning en Vesaljev getraind,’ zei ze. ‘Dus dat laatste is niet zo vreemd. Ves had geen tijd om naar huis te komen vannacht. Ik kan niet uitleggen waarom, maar trek alsjeblieft geen conclusies die er niet zijn.’ Ze wilde weggaan, maar bedacht zich. ‘Maron, wordt er over mij en Ves geroddeld?’
Snel wendde hij zijn blik af.
‘Maron,’ drong Héléna aan, nu iets minder vriendelijk.
‘Neem me niet kwalijk, vrouwe. U bent nooit zo afstandelijk geweest. En heer Van Mubay laat zich helemaal niet zien.’
‘Dus als wij het druk hebben, zal ons huwelijk wel op de klippen lopen?’
‘Zachary vroeg gisteren of jullie binnenkort op missie moesten,’ zei Maron.
‘Farridah.’ De zachte vloek dwarrelde door de keuken, waarop Maron een wenkbrauw optrok. Héléna ging op een stoel zitten en begon het ei te pellen.
‘Ik weet dat het mijn zaken niet zijn,’ zei Maron, ‘maar…’ Hij wist niet wat hij moest zeggen. Uiteindelijk plaatste hij een bord met een snee brood voor Héléna neer, zette er de botervloot en een mes bij en ging tegenover haar zitten.
‘Vroeg Zach dat echt?’ vroeg Héléna.
‘Ja, vrouwe.’
Ze haalde diep adem. ‘Het is niet ons huwelijk, Maron.’ Zorgvuldig besmeerde ze haar brood met boter en belegde het met ei. ‘Ik hoop dat ik op je kan rekenen. Het is niet de bedoeling dat half Hedorn straks weet dat de Gardecommandant niet thuis komt slapen.’
‘Ik hak eerder mijn tong af dan dat ik die informatie zomaar in het rond blaat, vrouwe. Ik ben geen beginneling.’
‘Dat weet ik.’ Ze nam een hap, kauwde, slikte door. ‘Wat heb je tegen Zach gezegd?’
‘Dat hij zich geen zorgen moet maken. Maar het zou meer indruk maken als u of heer Van Mubay dat zélf tegen hem zei.’
‘Ik ga zo naar hem toe. Ik ga niet zomaar weg zonder hem gedag te zeggen.’
‘Het was geen verwijt…’
‘Dat was het wel. En terecht. Jij ziet hem meer dan zijn ouders.’
‘Met uw werk is dat niet zo vreemd.’
‘Met mijn werk leer je juist hoe fragiel het leven is. Ik zou beter moeten weten.’
Maron stond op en schonk een glas water in.
‘Ik kan het niet uitleggen, Maron. Ik kan je alleen zeggen dat het met de Garde te maken heeft.’
‘Dan moet het wel ernstig zijn, als er zelfs niet genoeg tijd is om thuis de nacht door te brengen.’
‘Daar ga ik niet op in.’
‘Wat kan ik doen?’ vroeg Maron.
Ze nam dankbaar het glas water aan en dronk het in één keer leeg. Daarna stond ze op. ‘Je werk. Bedankt voor het ontbijt. Je had niet zo vroeg op hoeven staan.’
‘Dat is mijn werk, vrouwe,’ was zijn kalme antwoord.
Ze glimlachte. Een steek van pijn schoot door haar lip, waardoor haar glimlach snel verschrompelde, maar dat zag Maron niet. Hij had zich alweer naar het aanrecht gekeerd.
‘Ik maak hier wel eiersalade van,’ zei hij, meer tegen zichzelf dan tegen haar.
Héléna liet hem begaan. Ze ging de keuken uit, de gang door, richting de wapenkamer. Daar haalde ze haar wapenriem op met haar wapens. Bij de kapstok griste ze haar mantel mee en terwijl ze die vastknoopte, ging ze de trap op.
Voor de slaapkamer van haar zoon bleef ze staan. De deur stond op een kier, zoals altijd. Ze stak haar hand uit, legde haar vingers tegen het warme hout van de deur en duwde. Toen ze de drempel over stapte, was het alsof ze haar uniform, werk en kneuzingen in de gang liet liggen.



Friday, September 22, 2017

Wake - gedicht

Fantasygedicht! Deze begon ik te schrijven voor mijn manuscript, maar het gedicht ging zijn eigen leven leiden en werd een verhaal op zich. Veel leesplezier!

Wake

Op een ochtend, vroeg van uur
baadden wolken in rozig vuur
daalde stilte op d’wereld neer
lagen helden levenloos en teer.

De strijd voorbij, de slag gestreden
vele krijgers overleden
één dappere ziel liep naarstig voort
ontvluchtte gezwind het brandend oord.

Dwalend door de wolken laag
struikelde d’overlevende gestaag
door plassen plonzend in ’t moeras
tot daar doemde ’t stenen karkas.

Daar lonkten open ogen
onder zwaar bevochten bogen
in de ruïne, eeuwenoud
glansden zij, als waren zij goud

Op een avond, laat van uur
vormde duisternis een donk’re muur
een strijder stommelde naar binnen
het hoofd reeds lang niet meer bij zinnen.

De strijd voorbij, de eer verloren
lag hier alsnog het lot beschoren
in ’t verleden, achter deze poort
werd menig doodskreet al gesmoord.

Dwalend door de gangen lang
als door hiernamaals’ gevang
sleepte zij zichzelf verder
verloren ziel zo zonder herder.

daar lonkten open muilen
tussen zwaar bevochten zuilen
draken, duizend in getal
dansten op hun eigen bal

In een nacht, op dodenuur
zeeg de strijder tegen d’muur
vrees voor de dood reeds lang voorbij
zat zij stil en wachtte zij –

de strijd voorbij, genoeg gestreden
ook zij had genoeg geleden
maar de duizend dapp’re draken
namen haar niet in de kaken.

Dwalend door d’muren weerkaatst
galmde een stem met haast
een zoeker in het donk’re gebouw
vond haar behoed tegen bitt’re kou.

daar lonkten duizenden open ogen
onder eeuwenoude bogen
ontelbaar glinsterende draken
vlogen op na het lange waken.

Friday, May 19, 2017

Het grote "waarom" van het schrijven

Schrijven kent vele vormen. Je kunt met de hand schrijven; met balpen of potlood, vulpen of kroontjespen, of door je vinger te dopen in je eigen bloed. Je kunt een laptop gebruiken of een iPad, je kunt typen of spraakherkenningssoftware gebruiken. Schrijven doe je in een schrift of op een leeg vel papier, met of zonder lijntjes. Of op de stoep, met stoepkrijt. Of op het strand, in het zand. Een krabbel, een kladje, of een roman - er zijn enorm veel mogelijkheden. De vraag blijft natuurlijk altijd: waarom doe je dat?
In mijn geval is die vraag zelfs dubbel. Niet alleen "waarom schrijf ik", maar ook "waarom schrijf ik high-fantasy"? Je moet een tikkeltje zot zijn, immers, om je aan "dat genre" te wagen ... of niet?

Het ene verhaal is het andere niet

Waarom ik schrijf, kan verschillende redenen hebben. Per verhaal kan ik een andere drijfveer hebben. Soms schrijf ik puur voor de lol (zoals bij mijn kortverhaal Appeltaart, waarvoor ik de basis al op de middelbare school had geschreven). Soms schrijf ik als oefening, of voor een paar mensen die het graag lezen, zoals met Dwaalvuur. Soms schrijf ik voor een wedstrijd, maar dat is ook meestal voor de lol.
En dan zijn er mijn lange manuscripten. Mijn high-fantasy manuscripten, die zich altijd in dezelfde wereld afspelen. Juist, nu komen we ergens, toch? Want waarom schrijf ik die eigenlijk? Die verhalen gaan verder dan "schrijven voor de lol" en "schrijven voor de oefening".

Schrijven begint bij lezen

Ik heb er even het essay van Oek de Jong bij gepakt, Wat alleen de roman kan zeggen. Op pagina 25 vind ik een mooie beschouwing van lezen: 
"Lezen is in de eerste plaats een zaak van de verbeelding [...]. Elke lezer creëert zijn eigen voorstelling van een romanwereld. Al lezend reageert hij op het verhaal, op de observaties en ideeën van de schrijver.
[...] 
Al lezend word je je bewust van de minder fraaie kanten van jezelf. Licht als een schaduw glijdt dat besef door je heen. Het komt een ogenblik op uit duistere regionen en weg is het weer. Zo is er tijdens het lezen een voortdurende beweging in onszelf."
Iedere (roman)schrijver raad ik aan om dat essay eens te lezen, want het geeft een erg interessante kijk op de roman. En als ik het over mijn high-fantasy manuscripten heb, heb ik het ook over romans (vind ik, hierop kom ik later terug). Om te weten wat ik schrijf, hoe ik dat doe en waarom ik dat doe, moet ik dus ook nadenken over het fenomeen "roman". Wat is een roman, hoe schrijf je die, hoe lees je die, en waarom? Dat zijn vragen waarop geen eenvoudig antwoord te geven is (en dat beoog ik in deze blog ook echt niet te doen). Maar het zijn wel vragen waar ik over na blijf denken.

Om terug te komen op dit citaat. Waarom wijs ik hierop? Als schrijver moet je je realiseren dat je tekst gelezen gaat worden. Misschien alleen door jezelf en je hamster, misschien ook door je jongere broer, misschien door duizend anderen. Wat doet die tekst? Hoe gaat een lezer erop reageren? Kun je met jouw tekst een lezer meetrekken in zichzelf? En hoe doe je dat dan?
Schrijven begint bij lezen. Ik ben ooit begonnen met het schrijven van mijn high-fantasy manuscripten, omdat ik geen enkel high-fantasy boek kon vinden dat voldeed aan mijn lezerswensen. Dus wat doe je dan? Juist, dan schrijf je het zelf. Als lezer zocht ik dus een weg naar meer leesvoer, en die weg bracht mij naar de wonderlijke wereld van het schrijven.

Verder dan "een leuk verhaal" - schrijven om te vertellen

Wat zocht ik in high-fantasy? Als lezer zocht ik iets wat verder ging dan (excuseer de clichés) zwart-wit, draak-spuugt-vuur, jongen blijkt prins en redt de wereld (in z'n eentje). Ik zocht iets wat fantasy was, maar niet zo ontzettend ... "vreemd". Iets wat een duidelijke binding had met "onze" wereld, met alles om ons heen. Misschien was ik daarom wel zo ontzettend gek op Het oneindige verhaal van Michael Ende: vanwege de overduidelijke verbinding met een ontzettend herkenbare situatie. Jongen wordt gepest en duikt weg in een boek. Ik duik nog steeds graag weg in een boek. En als ik een fantasiedier mocht uitkiezen dat ik mocht ontmoeten, dan zou ik direct "Falkor!" roepen.
Toen ik ging schrijven, schreef ik niet alleen om een leuk verhaal neer te zetten. Het moest leuk zijn om te lezen, mooi, maar ook moest het iets zijn. Het moest iets vertellen. En niet alleen een verhaal van een vreemde knakker in een vreemde wereld in een vreemde tijd met vreemde beesten: het moest ergens over gaan.
Feitelijk was ik op zoek naar literatuur in high-fantasy, of een roman in een high-fantasy setting, maar dat wist ik nog niet toen ik begon met schrijven.

Laat ik teruggaan tot de kern. Wat schrijf ik? High-fantasy, maar dat dekt de lading niet helemaal. Je kunt een rasechte thriller schrijven die onder high-fantasy valt, je kunt erotische high-fantasy schrijven, of Young Adult high-fantasy. Je kunt een high-fantasy detective schrijven, een historische roman met high-fantasy invloeden, of ... enfin, er zijn talloze mogelijkheden. Ik schrijf high-fantasy romans. Mag ik dat zeggen, dat ik romans schrijf? Ik vind dat ik dat mag zeggen. Een deel van het verhaal is vaak thriller-achtig (spanning) en een deel is echt onvervalst roman-materiaal. Nu kun je zeggen: Ninja, kies lekker een hokje uit, want je noemt nu van alles - maar welk boek valt nu expliciet in één enkel hokje te proppen? Er is altijd overlap. Bovendien ben ik er dol op om hokjes uit elkaar te trappen.

"De romanschrijver is er, nog steeds, om via het verhaal van individuele lotgevallen de grote thema's van zijn tijd te mythologiseren en in de mythe te vereeuwigen. Hij moet het hedendaagse zien om te toveren tot iets universeels, tot een verhaal dat loskomt van zijn tijdgebonden aanleiding."
Dit staat te lezen op pagina 40 van Wat alleen de roman kan zeggen.
Wacht eens even, ik schrijf high-fantasy. Dat kan toch geen literatuur zijn? Dat kan toch geen roman zijn? Want als je gaat zoeken, kom je ook artikelen tegen als deze: Literaire lectuur, waarin we lezen:

"Een obstakel is de vrijblijvendheid van de imaginaire wereld. [...] De creativiteit die auteurs tentoonspreiden bij het vormgeven van hun werelden is onbegrensd en juist daardoor ontbeert fantasy de wortels die echte literatuur heeft in de werkelijkheid. Literatuur is nauw verbonden met het begrip waarheid, en toont de impact van de waarheid in de werkelijkheid. [...] Die kloof tussen werkelijkheid en fantasie belemmert echte betrokkenheid en dat rare woord dat zo belangrijk is voor literatuur: verheffing."
Dus aan de ene kant hebben we een romanschrijver die betoogt dat romanschrijvers de thema's van zijn tijd moet zien om te toveren tot iets universeels, en aan de andere kant hebben we een artikel dat zegt dat fantasy geen literatuur kan zijn, omdat fantasy te ver van de werkelijkheid staat.
Daar ben je mooi klaar mee, als fantasyschrijver. Waarom? Omdat de fantasy wel degelijk wortels in de werkelijkheid kan hebben, daar zijn genoeg grote voorbeelden voor (hele grote voorbeelden) maar nee! Het is niet echt.
De eerste keer dat ik het artikel Literaire Lectuur las, vroeg ik me af waar ik mee bezig was. Ik wilde niet alleen iets leuks doen met een paar zinnen. Ik wilde een verhaal vertellen. Ik wilde iets vertellen over "onze" wereld, geplaatst in "die andere" wereld, omdat dat de enige manier is waarop ik het kan vertellen. Los van ons concrete tijdsbeeld, maar wel degelijk eraan verbonden. Vertellen over een jongen die te maken krijgt met het verlies van zijn broer, over een man die zijn land naar de knoppen ziet gaan, over een vader die zich zorgen maakt over zijn zoon. Mocht ik dat wel? Kon dat wel, in high-fantasy?
Inmiddels vraag ik me niet af of "het wel kan". Het kan, verdorie, want ik doe het. In literatuur (of in genres die kennelijk niet onder literatuur vallen maar wel romans produceren) is er geen "goed" en "fout" - er zijn alleen mogelijkheden. En welk genre kan nu beter met universele antwoorden komen op de werkelijkheid, dan het high-fantasy genre? Hoe universeel wil je het hebben? Kom hier met dat hokje, ik heb een bijl en ik gebruik 'm.

Zoek de grens op en stap eroverheen

Waarom schrijf ik? Omdat ik iets te vertellen heb. Mijn laatste manuscript, Tirisa, behandelt onder andere de thema's "vreemdelingenhaat" en "vluchtelingenproblematiek". Daarnaast - want zoals gezegd, ik hou niet van hokjes - is het ook een spannend verhaal waarin een man achter een doorgedraaide politica aan gaat. Ik meng graag. Ik hou niet zo van rechttoe-rechtaan-verhalen. Ik schrijf omdat ik iets te vertellen heb, en dat vertel ik in een vorm die ook de drang naar "die andere kant" van het lezen vervult: de behoefte aan een verhaal dat leuk is om te lezen. Daar zoek ik naar, als lezer. Ik zoek naar verhalen die ik graag lees, maar die wel ergens over gaan. En dat ambieer ik dan ook te schrijven.



Reageren? Dat kan via Facebook of e-mail.

Gebruikte bronnen: 
- Oek de Jong: Wat alleen de roman kan zeggen. Uitgeverij Augustus, Amsterdam, 2013 - isbn 978 90 254 4213 2
- Literaire Lectuur, online artikel via http://8weekly.nl/special/boeken-specials/goede-fantasy-is-per-definitie-niet-literair-literaire-lectuur/ - ontleend op 19 mei 2017





Tuesday, March 14, 2017

Fantastische Fantasy - hoe doe je dat?

Regelmatig hoor ik van mensen ongeveer dit: "Hoe verzin je het!" of "Hoe krijg je dat toch allemaal verzonnen!" Ja ... hoe doe ik dat. 

Ik schrijf korte verhalen (meestal zijn dat literaire verhalen of korte thrillerverhaaltjes), lange verhalen (mijn fantasymanuscripten) en de laatste maanden werk ik ook aan mijn fantasyvervolgverhaal Dwaalvuur (op deze blog te vinden). Zonder enige twijfel steek ik de meeste tijd in mijn fantasymanuscripten. Even los van de miserabele pogingen die ik in mijn beginjaren ondernam en de mislukte dwalingen die ik ook heb gehad, heb ik 5 afgeronde manuscripten liggen: 3 losstaande verhalen en 2 delen van een serie. Momenteel ben ik enthousiast bezig met een globale opzet voor nummer 6, een verhaal dat opnieuw losstaand te lezen zal zijn.

Dat is een hoop werk!

Ja, dat klopt. Vele uren, dagen, jaren van mijn leven zijn inmiddels in het schrijven van verhalen gaan zitten. Als het af is, stuur ik het heel eigenwijs op naar uitgevers, ook al weet ik dat de kans om uitgegeven te worden nogal klein is. Maar ik had ooit een trainer die zei: Je moet zorgen dat ze niet om je heen kunnen! En hij had gelijk, natuurlijk. Ieder manuscript probeer ik iets beter te schrijven dan het vorige, zodat ik in ieder geval geen afwijzing krijg omdat ik complete bagger instuur. En al krijg ik dan van de ene te horen dat mijn fantasy niet klassiek genoeg is, terwijl de andere zegt dat mijn fantasy te klassiek is (ik verzin het niet!): ik schrijf gewoon door en ik blijf insturen. En ondertussen zijn er een aantal mensen die mij af en toe aankijken alsof ik gek ben (wat ik niet zal ontkennen) en die me vragen: hoe doe jij dat?

Hoe doe jij dat!

Laat ik het hier even hebben over mijn fantasymanuscripten. Los van Dwaalvuur, want dat speelt niet in dezelfde "wereld" als die andere manuscripten.
In een ver, ver verleden, toen ik nog werk opsloeg op 3½ inch diskettes, bedacht ik een verhaal over een held. Die held, dat is de spil van mijn fantasymanuscripten. In de loop der jaren heb ik van alles uitgeprobeerd. De held is een jongen geweest in een jeugdverhaal, hij is oud geweest en jong, hij was mens en toen weer niet. Totdat ik eindelijk had gevonden wie hij nu daadwerkelijk was. Ik schreef een manuscript over hem, herschreef het, bedacht er halverwege het boek een tweede boek bij, schreef dat, herschreef, herschikte, veranderde, etc. Zo had ik uiteindelijk een "deel 1" en een "deel 2" en begon ik te werken aan "deel 3" van dezelfde serie - maar "deel 1" werd afgewezen.

Ik ben een ninja. Dus ik verzin een andere weg.

Het idee dat ik ooit had, was om de lezer gaandeweg mijn verhalen kennis te laten maken met "mijn" wereld. Dat plan werd in duigen geslagen, want deel 1 werd afgewezen en deel 2 opsturen had dan ook geen zin. Maar ik zou geen Ninja heten als ik geen ninja was (en ben) dus ik verzon een oplossing. Ik dook in het verleden van mijn held. Sterker nog: ik ging terug naar zijn oorsprong, naar zijn voorouders. En ik stapte af van het idee van een serie en omarmde het idee om een soort verhalennetwerk op te zetten. Mijn laatste manuscripten zijn dan ook allemaal los van elkaar te lezen. Tegelijkertijd zijn ze allemaal met elkaar verbonden.

Dus ... hoe?

Ik heb als grote voordeel dat ik voor mijn grote fantasymanuscripten iedere keer in dezelfde wereld duik. En ik ben al begonnen met het verzinnen van die wereld toen ik nog opsloeg op 3½ inch diskettes, toen de iPad nog futuristisch was en Windows 97 of 98 (een van die twee geloof ik) nog draaide op onze computer. Ja, een computer, zo'n log ding dat je nog handmatig uit moest zetten als er "u kunt nu de computer uitzetten" in je scherm verscheen. Ik verzon rare beesten, rare struiken, rare wezens en een held, ik begon met het verzinnen van woorden in een taal die ik Lan'gada noem, ik verzon landen en wetten en normen en waarden, kleding en een paardenras. (Ja, sorry mensen, je kunt het meisje wel bij de paarden weghalen, maar een Pennymeisje blijft nu eenmaal een Pennymeisje.) Hoe vaak ik mijn manuscripten ook uit het raam kieperde, die zelfverzonnen elementen bleven bestaan. Ze werden steeds beter uitgewerkt. Ik reken inmiddels met het jaar dat ik mijn eerste laptop kreeg (2005) en neem dat als beginjaar van mijn "echte" werk: bijna dagelijks schrijven aan "mijn" fantasywereld. Rome is niet in een dag gebouwd, en mijn wereld heb ik echt niet even tussen het ontbijt en de lunch in elkaar gezet. Ik ken die wereld inmiddels, ik ken de personages die erin rondlopen. Enkele landen ken ik goed, enkele andere landen moet ik nog ontdekken. Ieder manuscript concentreer ik me op iets anders. Ieder manuscript is een nieuwe ontdekkingstocht. Ik maak gebruik van wat ik ken (bijvoorbeeld bestaande personages) en vertel dan iets nieuws.

Je bent gek

Ja, dat weet ik. Gek op het vertellen van verhalen. Zo gek dat ik inmiddels heel wat (werk)woorden in mijn zelfverzonnen "taal" heb, zodat ik hele gedichten kan "vertalen" naar het Lan'gada. (Wat, overigens, Taal der Legenden betekent - voor wie dat wilde weten.) Gek genoeg om door te gaan en alweer met een nieuw manuscript in mijn hoofd te lopen. Hoe doe ik dat? Door meer dan 11 jaar doorzetten, ploeteren, bijleren, nadenken, puzzelen, rotzooien, vloeken, bijleren en doorzetten. Niet noodzakelijk in die volgorde. En stiekem al meer dan 11 jaar, maar je moet ergens beginnen met tellen.
Ter illustratie van mijn gekte vind je hier een voorbeeld van Lan'gada. 

Gedicht in Lan'gada. Klik erop om het groter te zien.


Hoe ik het precies doe: dat past niet in een blogpost. Maar nu heb je een idee. Letter voor letter, woord voor woord, zin voor zin, manuscript voor manuscript. Misschien vind ik dit jaar wel een uitgever, misschien duurt het nog tien jaar. Ik werk stug door. HOE DAN?! Dat zal ik af en toe hier neerzetten.